3 stoornisgroepen hersenbeschadiging en wat er dan aan de hand kan zijn
Neurologisch: primaire schors aangedaan - parese (verlamming) - anesthesie (verdoofd gevoel) - anopsie (uitval gezichtsveld)
Neuropsychologisch/cognitief: secundaire schors aangedaan - afasie (taalstoornis) - agnosie (herkenningsstoornis) - apraxie (handelingsstoornis)
Psychologisch/sociaal: tertiaire schors aangedaan - gedrag - stemming - persoonlijkheid
Hersenzenuwen, hun functie en of ze motorisch of sensorisch zijn
Impliciet leren, Expliciet leren, Knowledge of performance, knowledge of result, interne focus, externe focus, procedureel geheugen, declaratief geheugen
Impliciet leren = Leren aan de hand van een beweging
Expliciet leren = Leren aan de hand van regels
Interne focus = aandacht gericht op de beweging zelf en de onderliggende processen/stapjes
Externe focus = aandacht gericht op het effect van de beweging, het doel
KP = kennis over de beweging is uitgevoerd, of de techniek goed was
KR = kennis over het resultaat van de beweging
Impliciet leren - Externe focus (want je focust op het doel) - Procedureelgeheugen (want de gehele beweging wordt onthouden en niet stapjes) - KR (want je krijgt kennis over het resultaat) = minder kwetsbaar voor stress (want regeltjes hoeven niet onthouden te worden), het leerresultaat blijft beter onthouden
Expliciet leren - Interne focus (want je richt je op de stapjes van de beweging) - Declaratief geheugen (want je onthoudt alle stapjes) - KP (want je hebt kennis over de techniek) = Kwetsbaar onder stressvolle omstandigheden
3-stadiamodel Fitts en Posner
Q-hoek
SIAS - midden patella - tuberositas tibiae
groter dan 20graden is afwijkend
Atrokinematica art. coxae
Normaalrichting: lateraal, caudaal, ventraal
CPP: max. (hyper)extensie
MLPP: 30 ab, 30 ant, iets exo
Artrokinematica art. genus
Normaalrichting: proximaal
CPP: max. hyperextensie
MLPP: 30 flexie
Artrokinematica art. subtalaris
Normaalrichting: plantair, proximaal
CPP: max. inversie
MLPP: middenstand inversie/eversie
Artrokinematica art. talocrurale
Normaalrichting: Distaal iets ventraal
CPP: max. dorsaalflexie
MLPP: 10 plantair
ITBS (iliotibiale band syndroom)
Pathofysiologie: te strakke tractus iliotibialis die (door te veel spanning er op) over de laterale femurepicondylus 'schuift' (eerder compressie). Komt op spanning door: - gluteus maximus - dikke vastus lateralis - tensor fasciae latae - varus knie - adductie heup - endorotatie tibia
Symptomen:
Risico:
Therapie:
Rompspieren (systemen + spieren)
Spinaal systeem:
Transversospinaal systeem:
Lateraalsysteem:
Spinotransversaal systeem:
- mm splenii (capitis & cervicis)
classificatie KANS
ALERT symptomen KANS
Risicofactoren KANS
Prognostische factoren KANS
General Adaption Syndrome (GAS)
5 copingstijlen met fysiotherapeutisch voorbeeld
Oorzaak M. Osgood Schlatter
Bij overbelasting van jong volwassenen onstaat er een partiele avulsie van de tuberositas tibiae, daarna volgt een extra botingroei ter hoogte van de insertie van de patellapees
Oorzaak Bakerse cyste
Vochtophoping in de knieholte. Door een verzwakking van het gewrichtskapsel kan er een vochtophoping tegen het kapsel aan duwen. Klachten nemen toe na belasting.
Oorzaak patella luxatie
Ontstaat door te weinig stabiliteit rondom de patella, door onderontwikkeling van de trochlea of door een hoogstand van de patella. Kan ontstaan door een vergrootte q-hoek, waardoor de werklijn van de patellapees afwijkt van de normaal. Komt vaak voor bij meisjes in combinatie met een verhoogde laxiteit
Oorzaak patella fractuur
Kan ontstaan door een direct trauma, of door te actief te fors de knie te strekken
Oorzaak achillespees ruptuur
Oorzaak is verbelasting van spierketen dorsaalflexie/flexie knie
Oorzaak mediaal tibiaal stress syndroom/shin splints
Door de schok die tijdens het lopen bij elke landing optreedt raakt de spierpeesovergang overbelast
Onderzoek bij M Osgood Schlatter, Bakerse cyste, patella luxatie, patella fractuur, achillespees ruptuur, MTSS/Shin splint
Osgood Schlatter: Voelbare en zienbare knobbel op tuberositas en drukpijn op die knobbel
Bakerse cyste: echografie, MRI en arthroscopie
Patella luxatie:
Patella fractuur: Rontgenfoto, observatie (dislocatie patella), bewegingsonderzoek - actief strekken nagenoeg onmogelijk, knie niet meer belastbaar
Achillespeesruptuur: test van Thompson
MTSS/Shin splint: