de halfbroer
le demi-frére
het enig kind
le fils / la fille unique
alleen
seul (e)
de buurvrouw
la voisine
het weekend
le weekend
de buurman
le voisin
de vriend
le copain
de vriendin
la copine
de trein
le train
wacht! (watchen op)
attends! (attendre)
de boodschap
le message
luisteren (naar)
écouter
de slaapkamer
la chambre