Fraude: meerdere verschijningsvormen
Taak fraudepreventie en -detectie
Primair ondernemingsleiding onder toezicht van RvC (RvT) mede ter bescherming van de belangen van de organisatie.
Denk aan:
Houvast in accountancy-regelgeving (NV COS 240)
‘De primaire verantwoordelijkheid voor het voorkomen en detecteren van fraude berust bij de met governance belaste personen en het management van de entiteit.
Het is van belang dat het management, onder toezicht van de met governance belaste personen, sterk de nadruk legt op het voorkomen van fraude, waardoor de gelegenheden tot het plegen van fraude kunnen afnemen, alsmede op het ontmoedigen daarvan, waardoor personen ervan kunnen worden weerhouden om fraude te plegen wegens de waarschijnlijkheid dat die fraude wordt gedetecteerd en bestraft.’ (NV COS 240.4)
NV COS 240.4 Verantwoordelijkheid RvC
Streven naar een cultuur van integriteit en ethisch gedrag, wat kan worden versterkt door actief toezicht door RvC.
Hierbij houdt de RvC onder meer rekening met de mogelijkheid om interne beheersingsmaatregelen te doorbreken of andere vormen van beïnvloeding van financial reporting cycle.
NV COS 240.5 Verantwoordelijkheid accountant
Verantwoordelijk voor:
- verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid dat de financiële overzichten als geheel geen afwijkingen van materieel belang bevatten die het gevolg zijn van fraude of fouten.
Door de inherente beperkingen van een controle bestaat er een onvermijdbaar risico dat sommige afwijkingen van materieel belang in de financiële overzichten niet worden gedetecteerd, ook al is de controle naar behoren gepland en overeenkomstig de Standaarden uitgevoerd.’
NV COS 240.6
Inherente beperkingen
Effecten van inherente beperkingen bijzonder significant in geval van afwijking die resultaat is van fraude.
Het risico dat een afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude niet wordt gedetecteerd is groter dan het risico dat een afwijking van materieel
belang als gevolg van fouten niet wordt gedetecteerd.
Dit komt omdat fraude gepaard kan gaan met geraffineerde en zorgvuldig opgezette plannen om de fraude te verhullen, zoals valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen of het opzettelijk aan de accountant verkeerd voorstellen van zaken.
Dergelijke pogingen om fraude te verhullen kunnen zelfs nog moeilijker te detecteren zijn wanneer ze gepaard gaan met samenspanning.
NV COS 240.7 Werknemersfraude makkelijker te detecteren dan directiefraude
Het risico dat de accountant een afwijking van materieel belang niet detecteert is in geval van managementfraude groter dan bij personeelsfraude, omdat managers vaak in een positie verkeren die hen in staat stelt:
Fraudemelden
Wettelijke verplichting geworden -> WTA
Bij een wettelijke controle (niet oob) waarbij een redelijk vermoeden van fraude van materieel belang tav financiële verantwoording van de klant -> melden aan de opsporingsambtenaar art 141 wet Sr. (Art. 26 lid 2 WTA)
Besluit Toezicht Accountantsorganisaties
Kenmerkende elementen fraude
Communicatie door accountant bij fraude
- In geval van directiefraude -> Toezichtsorgaan (RvC/RvT)
Intrekken verklaring (BW 2:362 lid 6)
Opvatting prof. Hoogendoorn/Van Geffen
intrekken verklaring
Escalatieladder COS 240 – BELANGRIJK
Dividendbeleid belangrijke graadmeter (cash is a fact, profit is an opinion)
Creative accounting (CA) soorten
Income smoothing & cookie jar reserves
Big bath accounting
Premature revenue recognition
- Goederen die feitelijk en juridisch bezien nog niet zijn geleverd, worden wel als zodanig verantwoord.
Channel stuffing
Creative accounting redenen
De beloning van de ondernemingsleiding is (gedeeltelijk) winstafhankelijk.
Professioneel kritische instelling
Een houding die onder meer gekenmerkt wordt door:
Bedreigingen professioneel kritische instelling
Frauderisicofactoren
Gebeurtenissen of omstandigheden die wijzen op een frauderisico.