aber
maar
auch
ook
das Bundesland
de deelstaat
es gibt
er is/er zijn
die hauptstadt
de hoofdstad
immer
altijd
nett
aardig
oft
vaak
vielleicht
misschien
wichtig
belangrijk
bis
tot
ein bisschen
een beetje
der nachname
de achternaam
ohne
zonder
schon
al
selt
sinds
üben
oefenen
der Vorname
de voornaam
weil
omdat
zuerst
eerst