flashcards

(82 cards)

1
Q

Wat is de definitie van boekhouden volgens de cursus?

A

Het registreren, klasseren en analyseren van financiële gegevens van een onderneming.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Naar welke drie functies is het boekhouden in de loop der tijd geëvolueerd?

A

Van een archieffunctie via een synthesemiddel naar een verschaffer van beleidsinformatie.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Welk specifiek aspect van een onderneming willen financiële instellingen beoordelen aan de hand van de boekhouding?

A

De solvabiliteit (of een onderneming een lening op lange termijn kan terugbetalen).

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Wat willen potentiële aandeelhouders afleiden uit de boekhoudkundige gegevens?

A

De rendabiliteit van het eigen vermogen (de verwachte opbrengst van het ingebrachte kapitaal).

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Waarom zijn klanten en leveranciers bij langlopende contracten geïnteresseerd in de boekhouding?

A

Om de continuïteit van de onderneming te beoordelen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Welke rol speelt de fiscus bij het inkijken van de boekhouding?

A

Het controleren van de cijfers voor de BTW en de vennootschapsbelasting.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Wat is het doel van de RSZ-administratie bij het controleren van de boekhouding?

A

Het controleren van de grootte van de gestorte werknemers- en werkgeversbijdragen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Waarom is het personeel geïnteresseerd in de winstgevendheid van het bedrijf?

A

Om te weten of het bedrijf winstgevend is en of hun loon uitbetaald kan worden.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Hoe wordt het gedeelte van het boekhouden genoemd dat externe informatie genereert via de jaarrekening?

A

Algemeen boekhouden (of financial accounting).

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Welke drie onderverdelingen vallen onder ‘analytisch boekhouden’ of ‘management accounting’?

A

Kostprijsberekening, investeringsanalyse en budgettering.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Wat is het belangrijkste verschil in openbaarheid tussen algemeen en analytisch boekhouden?

A

Algemeen boekhouden is verplicht openbaar en gestandaardiseerd, terwijl analytisch boekhouden intern en niet openbaar is.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Wat is de definitie van een balans?

A

Een herschikking van de inventaris in twee kolommen die een momentopname van de onderneming weergeeft.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Hoe worden de werkmiddelen aan de actiefzijde van de balans gerangschikt?

A

In stijgende volgorde van liquiditeit (omzetbaarheid in geld).

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Hoe worden de financieringsmiddelen aan de passiefzijde van de balans gerangschikt?

A

In stijgende volgorde van opeisbaarheid.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Wat is de fundamentele balansvergelijking?

A

$\sum activa = \sum passiva$

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Welke zijde van de balans geeft de ‘oorsprong van het vermogen’ weer?

A

De passiefzijde.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
17
Q

Welke zijde van de balans geeft de ‘aanwending van het vermogen’ weer?

A

De actiefzijde.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
18
Q

Waarom is de datum op een balans essentieel?

A

Omdat een balans een momentopname is en elke verrichting de toestand onmiddellijk wijzigt.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
19
Q

Onder welke hoofdcategorie vallen middelen die langer dan één jaar in de onderneming blijven?

A

Vaste activa.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
20
Q

Wat wordt verstaan onder ‘vlottende activa’?

A

Activa die deel uitmaken van de exploitatiecyclus en voortdurend van vorm veranderen (zoals voorraden en vorderingen).

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
21
Q

Geef drie voorbeelden van immateriële vaste activa.

A

R&D-kosten, concessies, octrooien (patenten), licenties of goodwill.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
22
Q

Wat is het verschil tussen omzetbare activa en beschikbare activa?

A

Omzetbare activa zijn vorderingen en voorraden; beschikbare activa is het geld in kas of op de bank.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
23
Q

Wat vormt het ‘eigen vermogen’ aan de passiefzijde?

A

Het kapitaal (inbreng) en de gereserveerde of overgedragen winst.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
24
Q

In het systeem van dubbel boekhouden worden verrichtingen op twee manieren geboekt. Welke?

A

Chronologisch in het journaal en per soort in het grootboek.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
25
Wat is de definitie van het 'grootboek'?
De bundeling van alle afzonderlijke rekeningen (balans-, kosten- en opbrengstenrekeningen).
26
Wat is de algemene boekingsregel voor een toename op een actiefrekening?
De rekening wordt gedebiteerd.
27
Wat is de algemene boekingsregel voor een toename op een passiefrekening?
De rekening wordt gecrediteerd.
28
Hoe wordt het saldo van een rekening berekend waarbij de debetzijde groter is dan de creditzijde?
Het is een debetsaldo (DS), berekend als $DT - CT$.
29
Wat betekent het 'salderen' van een rekening?
Het berekenen van het verschil tussen de debet- en creditzijde en dit saldo aan de kleinste zijde toevoegen om de rekening af te sluiten.
30
Hoe wordt het resultaat van een onderneming berekend?
Door alle kosten af te trekken van alle opbrengsten.
31
In welke klasse van het Minimum Algemeen Rekeningenstelsel (M.A.R.) worden kosten geboekt?
Klasse 6.
32
In welke klasse van het Minimum Algemeen Rekeningenstelsel (M.A.R.) worden opbrengsten geboekt?
Klasse 7.
33
Wat is de boekingsregel voor een toename van kosten?
Kostenrekeningen worden gedebiteerd bij een toename.
34
Wat is de boekingsregel voor een toename van opbrengsten?
Opbrengstenrekeningen worden gecrediteerd bij een toename.
35
Hoe beïnvloedt winst het eigen vermogen van een onderneming?
Gereserveerde en overgedragen winst verhogen het eigen vermogen.
36
Wat is het doel van afschrijvingen bij vaste activa?
Het spreiden van de aanschaffingswaarde over meerdere boekjaren vanwege slijtage of economische veroudering.
37
Geef de formule voor het berekenen van het lineaire afschrijvingsbedrag.
$Afschrijvingsbedrag = \frac{A_w - R_w}{n}$ (waarbij $A_w$ aanschaffingswaarde, $R_w$ restwaarde en $n$ aantal jaar is).
38
Wat zijn de drie criteria (waarvan er twee overschreden moeten worden) om als een 'grote vennootschap' te worden beschouwd?
Personeel (50 werknemers), jaaromzet (€11.250.000) en balanstotaal (€6.000.000).
39
Welke documenten vormen samen de jaarrekening voor een grote vennootschap?
De balans, resultatenrekening, toelichting en sociale balans (volledig schema).
40
Wat is het verschil in criteria voor een 'kleine vennootschap' vergeleken met een grote?
Een kleine vennootschap mag ten hoogste één van de drie criteria (personeel, omzet, balans) overschrijden.
41
Wat houdt het boekhoudkundige principe van 'continuïteit' in?
De waarderingsregels gaan ervan uit dat de onderneming haar activiteiten zal voortzetten.
42
Wat houdt het principe van 'voorzichtigheid' (prudence) in?
Kosten en verliezen moeten worden geboekt zodra ze waarschijnlijk zijn, maar opbrengsten pas als ze zeker zijn.
43
Wat is het doel van het principe van 'vergelijkbaarheid'?
Dat jaarrekeningen uniform zijn zodat ze vergeleken kunnen worden met voorgaande jaren of andere ondernemingen.
44
Welke instelling heeft standaardformulieren ontwikkeld voor de jaarrekening in België?
De Nationale Bank van België (NBB).
45
Welke ondernemingen zijn NIET verplicht hun jaarrekening te publiceren?
Natuurlijke personen (koopmannen) en kleine vennootschappen waarbij de vennoten onbeperkt aansprakelijk zijn.
46
Waarom moeten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid hun jaarrekening wél publiceren?
Omdat de maatschappelijke impact bij een eventuele vereffening aanzienlijk kan zijn voor derden.
47
Wat is de maximale termijn voor het neerleggen van de jaarrekening bij de NBB na de goedkeuring door de algemene vergadering?
Binnen 30 dagen.
48
Vanaf welk jaar is de elektronische neerlegging van de jaarrekening (filing) via internet de standaard geworden?
Sinds 2 april 2007.
49
Wat is de typische afschrijvingstermijn voor computers volgens de presentatie?
3 tot 5 jaar (afschrijvingspercentage van 20% tot 33%).
50
Wat is de typische afschrijvingstermijn voor gebouwen?
20 tot 33 jaar (afschrijvingspercentage van 3% tot 5%).
51
Hoeveel bedraagt het afschrijvingspercentage voor oprichtingskosten?
25% per jaar (over een termijn van 4 jaar).
52
Wat wordt bedoeld met de 'toegevoegde waarde' in de context van BTW-berekening?
Het verschil tussen de verkoopprijs en de aankoopprijs waarop BTW wordt berekend.
53
Hoe wordt het BTW-bedrag berekend dat een bedrijf effectief aan de staat moet betalen?
Verschuldigde BTW op verkopen minus de terugvorderbare BTW op aankopen.
54
Wat is het verschil tussen een bedrijfsverrichting en een financiële verrichting?
Een bedrijfsverrichting betreft de aankoop/verkoop zelf (factuur), een financiële verrichting betreft de betaling ervan (bankuittreksel).
55
Waarom is een inventaris alleen niet voldoende als controlemiddel?
Omdat er geen controle mogelijk is op bijvoorbeeld mistellingen; de balans biedt deze controle wel via het evenwicht.
56
Wat is de functie van een 'sociale balans' in de jaarrekening?
Het geven van informatie over de tewerkstelling en de vorming van het personeel.
57
Welke drie grafieken van afschrijvingsmethodes worden getoond in de samenvatting?
Vertraagd, Lineair en Versneld.
58
Onder welke balansrubriek vallen 'handelsgoederen'?
Vlottende activa (onder voorraden).
59
Onder welke balansrubriek valt een 'lening op 10 jaar bij een kredietinstelling'?
Schulden op lange termijn (Passief).
60
Wat is de definitie van 'handelsgoederen'?
Goederen die gekocht zijn met de specifieke bedoeling om ze weer te verkopen.
61
Wat is de definitie van 'meubilair' in de context van een handelsonderneming?
De inrichting van de winkel of het kantoor (vast actief).
62
Term: Objectiviteit in de boekhouding.
Definitie: Elke boeking moet gebaseerd zijn op een gedagtekend verantwoordingsstuk (zoals een factuur).
63
Wat is het doel van een 'proef- en saldibalans'?
Een tussentijds overzicht om te controleren of alle debet- en creditboekingen in evenwicht zijn voordat de eindbalans wordt opgesteld.
64
In welke volgorde worden verrichtingen in het journaal opgenomen?
Chronologisch (volgens datum).
65
Wat gebeurt er met het eigen vermogen als een onderneming verlies lijdt?
Het eigen vermogen daalt.
66
Waarom worden regularisatieboekingen uitgevoerd aan het einde van het boekjaar?
Om de boekwaarde van activa in overeenstemming te brengen met de werkelijke waarde (bijv. door afschrijvingen of waardeverminderingen).
67
Wat is een 'niet-recurrente' bedrijfskost?
Een uitzonderlijke kost die niet tot de normale, dagelijkse bedrijfsvoering behoort (Klasse 66).
68
Welke klasse in het M.A.R. wordt gebruikt voor financiële opbrengsten?
Klasse 75.
69
Welke documenten moet een grote vennootschap naast de jaarrekening nog opmaken?
Een jaarverslag en een controleverslag van de commissaris-revisor.
70
In welke vorm kan een resultatenrekening worden opgesteld?
In staffelvorm (onder elkaar) of in scontrovorm (naast elkaar).
71
Wat is de functie van de 'toelichting' bij de jaarrekening?
Het geven van extra uitleg en detailinformatie bij de cijfers in de balans en resultatenrekening.
72
Onder welk bedrag aan balanstotaal kan een onderneming als 'klein' worden beschouwd (indien aan andere criteria voldaan)?
€6.000.000.
73
Onder welke jaaromzet kan een onderneming als 'klein' worden beschouwd?
€11.250.000 (exclusief BTW).
74
Waarom is 'relevantie' een belangrijk principe voor boekhoudkundige informatie?
Zodat zowel interne als externe partijen de juiste informatie hebben voor het nemen van beslissingen.
75
Wat is de betekenis van 'getrouw beeld' in de rapportering?
De jaarrekening moet de lezer toelaten een juist oordeel te vormen over het vermogen, de financiële positie en het resultaat.
76
Welke ondernemingsvormen hebben een 'beperkte aansprakelijkheid'?
Onder andere de NV (Naamloze Vennootschap) en de BV (Besloten Vennootschap).
77
Wie is verantwoordelijk voor de controle van de jaarrekening bij grote vennootschappen?
De commissaris-revisor.
78
Wat is het M.A.R.?
Het Minimum Algemeen Rekeningenstelsel, een verplicht genormaliseerd schema van rekeningen.
79
Cloze: Een verhoging van het kapitaal wordt aan de _____ zijde van de rekening geboekt.
Credit
80
Cloze: Voorraden worden op de balans gewaardeerd onder de _____ activa.
Vlottende
81
Concept: Liquiditeit
De snelheid waarmee een actiefbestanddeel kan worden omgezet in contant geld.
82
Wat is de betekenis van 'opeisbaarheid' op de balans?
De termijn waarop schulden moeten worden terugbetaald (hoe sneller, hoe lager op de balans).