Grieks Flashcards

(38 cards)

1
Q

Hellas

A

griekse vasteland, veel eilanden, veel kolonie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Waarom zijn er Kolonies?

A

Vele onvruchtbare grond, te weinig voedsel en ruzie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Magna Graecia

A

Deel in het zuiden van Italië

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Klein Azië / Ionië

A

West kust van het huidige Turkije

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Politiek geheel?

A

Door het grillige karakter van het land, bestond uit een veel Poleis (stadstaten)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Belangrijkste Poleis?

A

Athene en Sparta

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Minoïsche beschaving (tijd)

A

3000 v.C - 1400 v.C

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Minoïsche beschaving (uitleg)

A

–> rijke beschaving om het eiland Kreta genoemd naar koning Minos.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Myceense beschaving (tijd)

A

1700 v.C. - 1100 v.C.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Myceense beschaving (uitleg)

A

–> In Peloponnesos, tijd van de Trojaanse oorlog

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Inval Doriërs (tijd)

A

1150 v.C.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Inval Doriërs (uitleg)

A

–> Myceense waren verzwakt door de Trojaanse oorlog dus de Doriërs vallen daarbinnen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Donkere eeuwen (tijd)

A

1100 v.C. 800 v.C.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Donkere eeuwen (uitleg)

A

de inval van de Doriërs hebben de vorige beschaving verwoest en er is een tijd van onzekerheid

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Archaïsche Periode (tijd)

A

800 v.C. tot 500 v.C.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Archaïsche Periode (uitleg)

A

–> Grote Kolonisatie: verspreid naar Klein Azië en Magna Greacia en Homeros begon met schrijven zie ander kaartje

17
Q

Perzische oorlogen (tijd)

A

490 v.C - 479 v.C.

18
Q

Perzische oorlogen (uitleg)

A

–> De Grieken hebben oorlog met de Perzen.

19
Q

Klassieke Periode (tijd)

A

500 v.C. - 400 v.C.

20
Q

Klassieke Periode (Uitleg)

A

–> Athene wordt belangrijkste Polis, democratie ontstaat en bloeiperiode van theater en literatuur.

21
Q

Peloponnesische oorlog (tijd)

A

431 v.C. 404 v.C.

22
Q

Peloponnesische oorlog (uitleg)

A

–> Athene vs Sparta.

23
Q

Hellenistische periode (tijd)

A

400 v.C. - …

24
Q

Hellenistische periode (uitleg)

A

–> De griekse wereld werd voor het eerst verenigd onder leiding van Alexander de Grote.

25
Romeinse periode (tijd)
146 v.C. - /
26
Romeinse periode (uitleg)
–> de romeinen nemen Griekenland in.
27
Helenisme
De samensmelting van de Griekse cultuur met de oosterse.
28
Waar schreef Homeros over?
De Trojaanse oorlog, ontstaan van Polis, Olympische Spelen, Stenen Tempels.
29
Waar werd grieks gesproken?
Het griekse vasteland, de eilanden, Klein Azië, zuiden van Italië.
30
Was grieks overal hetzelfde?
Nee er zijn verschillende dialecten.
31
Belangerijkste dialecten
Attisch, Dorisch, Ionisch en Aeolisch.
32
Waar werd Attisch gesproken
In Athene, want dat was de belangrijkste Polis.
33
Welke eenheidstaal heeft Alexander ontwikkeld
hij heeft uit het attisch het Kionè ontwikkeld, hieruit is het moderne grieks ontstaan.
34
Wat voor soort taal is grieks?
Indo-Europees
35
Hoe schreven de Grieken vroeger?
in een lettergrepen schrift
36
Wat is een Lettergrepen schrift
1 teken is 1 lettergreep bv. Ba
37
Wanneer hebben de grieken het alfabetisch schrift over genomen?
In de 9de eeuw v.C.
38
Van wie hebben de grieken het alfabetisch schrift over genomen?
van de Pheniciërs