Welke 3 types kraakbeenweefsel zijn er?
→ Hyalien kraakbeen, vezelig kraakbeen (fibrocartilage), elastisch kraakbeen.
Welke cel hoort bij kraakbeen?
Chondrocyt
Hyalien kraakbeen: wat zie je typisch in de matrix?
Veel homogene (“glazige”) matrix rond chondrocyten; vezels zijn fijn (meestal niet duidelijk zichtbaar).
Vezelig kraakbeen: wat domineert in de matrix?
Collageenbundels (duidelijk zichtbaar) + chondrocyten.
Elastisch kraakbeen: wat domineert in de matrix?
Elastische vezels + chondrocyten.
Welke type kraakbeen is het “meest stevig tegen trek” (trekkracht)?
Vezelig kraakbeen (veel collageen).
Welke type kraakbeen is het “meest buigzaam/flexibel”?
Elastisch kraakbeen (elastische vezels).
Welke type kraakbeen is het meest “algemeen/standaard” in het lichaam?
Hyalien kraakbeen.
Voorbeeldlocatie hyalien kraakbeen
ribkraakbeen → Kraakbeen van ribbenkast (costale kraakbenen), ook vaak: neus, trachea, gewrichtskraakbeen.
Voorbeeldlocatie vezelig kraakbeen
wervelkolom → Tussenwervelschijven, ook vaak: meniscus, symphysis pubica.
Voorbeeldlocatie elastisch kraakbeen
oor → Oorschelp, ook vaak: epiglottis, buis van Eustachius.
Welke type kraakbeen heeft de “glazige” look onder de microscoop?
Hyalien kraakbeen.
Hoe herken je vezelig kraakbeen histologisch snel?
Dikke, vezelige collageenbundels met chondrocyten ertussen.
Hoe herken je elastisch kraakbeen histologisch snel?
Netwerk van elastische vezels rond chondrocyten.
Kernverschil in 1 zin (alle drie)
Hyalien = homogene matrix, vezelig = collageenrijk, elastisch = elastine-/elastische vezelrijk.
Welke 3 functies heeft kraakbeenweefsel
Elasticiteit/samendrukbaarheid; gladheid voor soepele beweging; schokdemping (minimaal).
Waarom zorgt kraakbeen voor vlotte beweging in een gewricht?