aller
gaan
s’en aller
weggaan
faire
maken
contrefaire
namaken
défaire
losmaken
(re)faire
(opnieuw) maken, doen
satisfaire
voldoen, tevredenstellen
convenir
passen, geschikt zijn
devenir
worden
intervenir
tussenkomen
parvenir à
erin slagen te
prévenir
verwittigen, voorkomen
redevenir
opnieuw worden
revenir
terugkomen
se souvenir de
zich herinneren
venir
komen
appartenir à
behoren tot
contenir
bevatten
entretenir
onderhouden
maintenir
aanhouden
obtenir
verkrijgen, behalen
retenir
onthouden, tegenhouden
soutenir
steunen
tenir
houden, gehecht zijn aan