beperken/dwingen/noodzaken
constrain
bijeenroepen
convene
overeenstemmen
correspond
afleiden
deduce
nadruk/klemtoon
emphasis
ervoor zorgen
ensure
uitsluiten
exclude
kader/geraamte
framework
ophelderen/toelichten
illustrate
suggereren
imply
aanleg/voorbeeld
instance
op elkaar inwerken
interact
verdedigen/rechtvaardigen
justify
tot het uiterste vergroten
maximise
ontkennen/te niet doen
negate
informatie ergens neerzetten
register
bouwen op/vertrouwen
rely
schema/plan maken
scheme
reeks/volgorde
sequence
verschuiving
shift
voldoende
sufficient