homo, homines
mens, man
pendere
hangen
umbra
schaduw
vinum
wijn
agmen, agmina
rij, stoet
longe
ver(weg), verreweg
a/ab + abl
1 vanaf
2 door
procedere
voortgaan, lopen
salutare
(be)groeten
leo, leones
leeuw
petere
aanvallen
frustra
tevergeefs
terra
aarde, grond
resistere
weerstand bieden
caput, capita
hoofd
pes, pedes
voet, poot
vulnerare
verwonden
per
1 door(heen)
2 gedurende
3 over(heen)
corpus, corpora
lichaam
enim
immers, want
tenere
(vast)houden