Het verschil hier tussen is dat bij een primair impingement de oorzaak van de klachten specifiek ligt in de subacromiale ruimte. Bij een secundair impingement ligt deze buiten deze ruimte. Een acute bursitis is een voorbeeld van een primair impingement en het ontstaan van een impingement door een scapulaire dyskinesie of een actieve instabiliteit van het glenohumeraal gewricht een secundair.
De evidence statement beschrijf een groep met mobiliteitsbeperking van vooral de exorotatie. Een groep die een pfa heeft en een groep zonder deze symptomen.
Leeftijd van de eerste groep ligt vaak boven de 45 de tweede groep kent ook een piek rond die leeftijd terwijl de laatste groep vaak jonger is. Het beloop van schouderklachten is in het algemeen niet zo goed.
Een intern impingement is gelegen tussen het labrum en de humeruskop aan de DORSALE zijde. Er treedt dus pijn op dorsaal. Het heet intern omdat een deel van het gewricht kapsel met overliggende verweven spieren in de knel komt. Het laatste gebeurt vooral in de late cocking fase waarbij de humerus heel ver naar achter komt. Vooral bij werpers treedt dit op.
Een extern impingement is een impingement buiten het glenohumeraal gewricht. Bijvoorbeeld in de subacromiale ruimte of tussen het coracoid en de humerus kop.
In de oude theorie was het zo dat door een andere stand van de scapula de subacromiale ruimte kleiner werd waardoor de structuren daar in de knel kwamen. Nieuwere theorieën zeggen dat door de veranderde positie de belasting van de pees van de supraspinatus toeneemt wat tot overload kan leiden met alle gevolgen daarvan.
Door de vergrootte speling in het glenohumerale gewricht zou de kop van de humerus meer naar boven komen waardoor de subacromiale ruimte kleiner wordt en de structuren in de knel komen. Of te veel passieve speling in het gewricht vraagt om musculaire compensatie waardoor er wederom overload ontstaat van de cuffmusculatuur.
Uit de onderzoek blijkt dat een kyfose geen oorzaak is maar wel een impingement kan onderhouden. Door de kyfotische houding staat het schouderblad anders waardoor of de ruimte kleiner wordt of in een andere theorie de pezen overbelast kunnen worden.
Een GIRD een glenohumeral internal rotation deficit is of een verkorting van het dorsale kapsel/cuff of een hypertonie van de dorsale cuff door het wegwerpen van de arm ontstaan(fictief natuurlijk). Door de verandering kan de kop anders rol/schuiven en de subacromiale ruimte kleiner worden of de pezen door de verandering wederom overbelasten.
Meneer Jansen heeft een leeftijd die het best past qua incidentie bij groep 3 de andere groepen kennen vaak oudere mensen.