passief transport
Transport waar geen energie voor nodig is. osmose en diffusie
actieve transport
hier is energie voor nodig, en gaat tegen het concentratieverval in
anorganische sapstroom
de houtvaten in een plant. water en mineralen van wortels naar bladeren
lange transport
via vatenstelsels
organsiche sapstroom
water en assimilatieproducten (glucose door fotosnthese) van bladeren naar alle delen van een plant. gaat via de bastvaten
vaatbundel
de houtvaten en bastvaten samen. de houtvaten zitten aan de binnekant en zijn groter. de bastvaten aan de buitenkant
Functie bladgroenkorrels
maken zetmeel (niet glucose, anders wordt de concentratie te hoog)