Untitled Deck Flashcards

(15 cards)

1
Q

Wat is verwonderen?

A

Verbaasd zijn dat iets is zoals het is, het had er ook niet kunnen zijn of anders kunnen zijn

Dit verwijst naar de contingentie van het bestaan.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Wat zijn levensvragen?

A
  • Vragen over de zin van het leven
  • Dood
  • Liefde
  • Bestaan

Ze hebben geen vast antwoord, verschillen per persoon en kunnen veranderen door het leven heen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Wat zijn de drie eigenschappen van rituelen?

A
  • Herhaling binnen een bepaalde (religieuze) gemeenschap
  • Verwijst naar een hoger doel
  • Heeft een vaststaande betekenis

Rituelen zijn belangrijk binnen religieuze contexten.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Wat is de definitie van religie?

A

Collectieve vorm van zingeving van het bestaan, waarbij de erkenning van een hogere macht centraal staat

Dit omvat geloofssystemen en rituelen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Wie waren de Cro-Magnon mensen?

A

De eerste moderne mensen (Homo sapiens) in Europa, afkomstig uit Afrika

Ze maakten kunst en hadden waarschijnlijk een religieus besef.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Wat is de relatie tussen kunst en religie?

A

Prehistorische kunstuitingen zoals het Venusbeeld laten het ontstaan van religie zien

Kunst en religie zijn vaak met elkaar verbonden.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Wat is de ideeënwereld volgens Plato?

A
  • Alles wat is heeft een ‘ultieme’ versie in de ideeënwereld
  • De ideeënwereld overstijgt de zichtbare wereld

Materiële objecten zijn slechts imperfecte kopieën van hun basismodellen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Wat betekent cogito ergo sum?

A

Ik denk, dus ik ben

Dit is een uitspraak van René Descartes die de basis legt voor zijn filosofie.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Wat zijn de stappen van het godsbewijs volgens Descartes?

A
  • De mens is sterfelijk en volmaakt
  • De mens heeft het idee dat er ‘iets’ volmaakts een eeuwig bestaat
  • Iets onvolmaakts kan niet iets volmaakts bedenken
  • Dus God bestaat

Dit argumenteert voor het bestaan van een hogere macht.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Wat is pantheïsme?

A

God zit overal in

Dit is een opvatting van Baruch Spinoza.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Wat is de evolutietheorie van Darwin?

A
  • Alle soorten hebben één gezamenlijke voorouder
  • Natuurlijke selectie bepaalt welke eigenschappen overleven

Dit was revolutionair en leidde tot veel kritiek.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Wat is een paradigma?

A

Een algemeen aanvaard wereldbeeld of denkkader binnen een tijdperk

Paradigma’s kunnen veranderen door nieuwe ontdekkingen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Noem twee paradigmawisselingen.

A
  • Geocentrisch → Heliocentrisch wereldbeeld
  • Schepping → Evolutietheorie

Deze wisselingen hebben grote impact gehad op de wetenschap en religie.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Wat is de functie van mythes?

A
  • Verklaren van het bestaan en de wereld
  • Geven betekenis aan rituelen
  • Versterken de band binnen een gemeenschap

Mythes zijn belangrijk voor culturele en religieuze identiteiten.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Wat is het verschil tussen letterlijke en figuurlijke taal?

A
  • Letterlijke taal: woorden betekenen precies wat ze zeggen
  • Figuurlijke taal: woorden hebben een symbolische of overdrachtelijke betekenis

Voorbeelden helpen om dit verschil te verduidelijken.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly