De student kan de begrippen “tangentieel vlak”, “normaal”, “capsulair patroon”, “closed pack position”
en “maximal loose pack position” beschrijven.
tangentieel vlak: is het vlak gelegen op de meest uitstekende delen van het concave botstuk
de normaal: is de lijn die loodrecht op het tangentieel vlak staat, de normaal is ook altijd de tractie richting
capsulair patroon: de volgorde van bewegingsbeperperkingen in een bepaald gewricht, ontstaat bij ontstekingen van het hele kapsel zoals artritis en artrose
closed pack position: grootse contact van kom met de kop, kapsel staat op spanning, grootste stabiliteit
maximal loose pack position: minste contact van kom met de kop, kapsel minst op spanning, minste stabiliteit
De student kan vanuit de convex-concaaf regel van elk gewricht, waarbij deze regel van toepassing is,
de artrokinematische bewegingen beschrijven
als de concaaf punctum fixum is wordt er een rolschuif beweging gemaakt.
als de concaaf punctum mobliae is wordt er een schommel/glij gemaakt.
De student kan van het art. humeri de benamingen noemen van
de volgende onderdelen wanneer van toepassing.
* Kop/Kom
* Capsulair patroon
* Richting normaal/ tractierichting
* Ligamenten en remmingen van deze ligamenten
kop: caput humeri
kom: cavitas glenoidale
capsulair patroon: Exorotatie> abductie > endorotatie
richting normaal: lateraal/ventraal/iets craniaal
Ligamenten + remmingen:
Lig. glenohumerale superior: Exorotatie
Lig. glenohumerale inferior: Abductie + exorotatie
Lig. glenohumerale mediale: Abductie + exorotatie
Lig. coracohumerale anteriore vezels: retroflexie
Lig. coracohumerale posteriore vezels: anteflexie
De student kan van het SC-gewricht de benamingen noemen van
de volgende onderdelen wanneer van toepassing.
* Kop/Kom
* Capsulair patroon
* Richting normaal/ tractierichting
* Ligamenten en remmingen van deze ligamenten
Kop: Sternum/clavicula
Kom: clavicula/sternum
Bij protractie/retractie is het sternum de kop en de clavicula de kom. Bij elevatie/depressie is de clavicula de kop en het strenum de kom.
Capsulair patroon: max. bewegingsuitslagen + pijn Richting normaal/ tractierichting: Lateraal, dorsaal, iets craniaal (vanuit sternum)
Ligamenten + remmingen:
Lig. sternoclaviculare posterior: Protractie
Lig. sternoclaviculare anterior : Retractie
Lig. costoclaviculare: elevatie/protractie/retractie
Lig. interclaviculare: depressie
De student kan van het AC-gewricht de benamingen noemen van
de volgende onderdelen wanneer van toepassing.
* Kop/Kom
* Capsulair patroon
* Richting normaal/ tractierichting
* Ligamenten en remmingen van deze ligamenten
Kop: n.v.t. Kom: n.v.t. Capsulair patroon: Maximale bewegingsuitslagen en pijn Richting normaal/ tractierichting: craniaal, ventraal en mediaal vanuit acromion Ligamenten + remmingen: Lig. coracoacromiale, stabilisatie Lig. acromioclaviculare, stabilisatie Lig. coracoclaviculare, stabilisatie
De student kan van het art. humeri, de volgende waarden benoemen wanneer van toepassing.
Bewegingen + ROMs: anteflexie (90-100), retroflexie (60), exorotatie (90), endorotie (90), abductie (80-90) en adductie (75).
cpp: max abductie, exorotatie, max horizontale abductie
mlpp: 60 anteflexie en abductie, 30 exorotatie
Richting normaal/ tractierichting: lateraal/ventraal/iets craniaal
De student kan van het SC-gewricht en het AC-gewricht de volgende waarden
benoemen wanneer van toepassing.
* De verschillende bewegingsmogelijkheden in het gewricht
* CPP/MLPP
* Richting normaal/ tractierichting
* ROM’s van de verschillende bewegingen in het gewricht
*Translatierichtingen bij de verschillende bewegingen
Bewegingen + ROMs: Protractie (30), retractie (25), depressie (10), elevatie (40), axiale rotatie
CPP: n.v.t.
MLPP: n.v.t.
Richting normaal/ tractierichting: Lateraal, dorsaal, iets craniaal (vanuit sternum)
De student kan van het AC-gewricht de volgende waarden
benoemen wanneer van toepassing.
* De verschillende bewegingsmogelijkheden in het gewricht
* CPP/MLPP
* Richting normaal/ tractierichting
* ROM’s van de verschillende bewegingen in het gewricht
*Translatierichtingen bij de verschillende bewegingen
Bewegingen + ROMs: protractie, retractie; elevatie, depressie; mediorotatie, laterorotatie
CPP: n.v.t.
MLPP: n.v.t.
Richting normaal/ tractierichting: craniaal, ventraal en mediaal vanuit acromion
De student kan het verschil tussen primaire en secundaire impingement aangeven.
primair:
Vooral oudere pt > 40 jaar, denk aan NEER
Structurele veranderingen, afgrenzing subacromiale ruimte.
Veranderingen van de vulling van de subacromiale ruimte.
secundair:
Oorzaak ligt niet direct in de subacromiale ruimte.
Etiologie is van groot belang
Veroorzaakt een primair subacromiaal syndroom ???????????????
De student herkent de symptomatologie van een schouder impingement.
De student kan uitleggen wat impingement is.
een inklemming van een structuur. bij de schouder is dit meestal in de subacromiale ruimte
De student kent de etiologie van schouderimpingement
??????????
De student kan de fysiologische herstelprocessen beschrijven na een bindweefseltrauma in de onstekingsfase
Proces:
effect:
doel:
De student kan de fysiologische herstelprocessen beschrijven na een bindweefseltrauma in de proliferatiefase
proces
effect:
doel:
De student kan de fysiologische herstelprocessen beschrijven na een bindweefseltrauma in de remodelleringsfase
proces:
effect:
doel:
De student kan uitleggen wat bedoeld wordt met frozen shoulder
capsulitis adhesiva, verkleving van het anterieure kapsel, coracohumerale ligament en glenohumerale ligament.
De student kan de stadia van Frozen Shoulder beschrijven
Stage 1 ligt voor freezing: geringe bewegingsbeperking vooral exorotatie. Verwart met impingement
Freezing: sinovitis met ingroei van bloedvaten en vrije zenuwuiteinden.
Frozen: Progressive kapsulaire/ligamentaire fibrose.
Thawing: tot 24 mnd langzame afname van de mobiliteitsstoornis. Meestal niet terug tot normaal, maar geen last in ADL
De student kan verschillende stadia van een AC-luxatie beschrijven
Indeling door Tossy:
I. Geen schade aan ligamenten, zijn alleen opgerekt. Wel letsel aan het kapsel.
II. Ruptuur van het ACL
III. Ruptuur aan ACL en CCL + luxatie (pianotoets)
IV. Luxatie clavicula door trapezius + subcutaan
V. Luxatie clavicula naar boven (pianotoets x2)
VI. Luxatie clavicula naar beneden onder het coracoid