intraperitoneale organen
retroperitoneale organen
functies maag
4 delen duodenum
gangen van alvleesklier naar duodenum
- ductus accessoire pancreaticus (of ductus van Santorini)
structuren in ligamentum hepatoduodenale
ligamenten milt
drie hoofdvertakkingen aorta in buikholte
bursa omentalis zijkanten (‘boundaries’)
ventraal: omentum minus & maag
dorsaal: pancreas
craniaal: lever
causaal: colon
lateraal: milt
mediaal: foramen epiploicum
lagen bedekking nieren
stoffen in glomerulus filtraat
reabsorptie proximale tubulus
reabsorptie lis van Henle
reabsorptie distale tubulus
nog enige Na+ & Cl- reabsorptie
welke stoffen worden niet geresorbeerd?
- creatinine
twee soorten nefronen
2. juxtamedullaire nefronen
wat doet een toename van ADH?
waterkanalen open, veel reabsorptie van water, minder urine
wat doet een afname van ADH?
waterkanalen dicht, weinig reabsorptie, meer urine
afgifte hormonen nier
drie delen embryonale darm
wat ontstaat uit de middendarm?
wat ontstaat uit de voordarm?
wat ontstaat uit de einddarm?
ontwikkelingsfases longen