bio 2 Flashcards

(8 cards)

1
Q

de bouw van kraakbeenweefsel beschrijven

A
  • kraakbeenweefsel is stevig en heel buigzaam
  • kraakbeencellen liggen in groepjes bij elkaar in elastische tussencelstof
  • kraakbeen bevat veel lijmstof (collageen)
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

de bouw van botweefsel beschrijven

A
  • botweefsel is heel stevig en een beetje buigzaam
  • botcellen liggen in de tussencelstof in kringen rondom kanaaltjes
  • kalk in de tussencelstof geeft stevigheid kalk lost op in zoutzuur
  • lijmstof in de tussencelstof zorgt voor buigzaam heid lijmstof verbrand in een vlam
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

botten van baby’s

A

bestaan vooral uit kraakbeenweefsel, tussen de schedelbeenderen zijn ruimte aanwezig: de fontanellen

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

bij het ouder worden

A

verandert het kraakbeenweefsel in botweefsel, de fontanellen groeien dicht

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

kinderen

A

botweefsel met veel lijmstof en weinig kalk

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

ouderen

A

botweefsel met weinig lijmstof en veel kalk

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

kraakbeen zit bij volwassenen

A

in de oorschelp
in de neus
tussen de ribben en borstbeen
tussen de wervels van de wervelkolom
in gewrichten

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q
A
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly