H3 Flashcards

(51 cards)

1
Q

Wat is het verschil tussen gewaarwording en waarneming?

A

Gewaarwording is de stimulatie die wordt vertaald naar neurale signalen. Waarneming is het interpreteren en begrijpen van die gewaarwording.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Noem de vijf traditionele zintuigen.

A
  • Zicht
  • Gehoor
  • Reuk
  • Smaak
  • Tast
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Wat is het criterium voor het definiëren van een zintuig volgens Ward (2008)?

A

Een zintuig heeft een eigen reeks van receptoren waarvan de prikkels in een apart deel van de hersenen worden verwerkt.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Wat is de golflengte van zichtbaar licht?

A

400-700 nm

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Wat breekt het licht in het oog?

A

Hoornvlies (cornea)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Wat is de functie van de pupil?

A

Reguleren van de hoeveelheid licht die het oog binnenkomt

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Wat is de rol van de fovea in het gezichtsvermogen?

A

Het is het deel van het netvlies waar kleur en detail sterk worden waargenomen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Wat zijn de twee types receptoren in de retina?

A
  • Kegeltjes
  • Staafjes
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Hoeveel kegeltjes en staafjes zijn er ongeveer in de retina?

A
  • 7 miljoen kegeltjes
  • 120 miljoen staafjes
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Wat is de blinde vlek?

A

Het punt waar de oogzenuw het oog verlaat en geen lichtgevoelige receptoren aanwezig zijn.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Wat is de donutstructuur van ganglioncellen?

A

Ganglioncellen hebben een centerON/surroundsOFF of centerOFF/surroundsON receptief veld.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Wat verklaart de Hermann grid illusie?

A

De donutstructuur van ganglioncellen en de manier waarop ze contrasten waarneemt.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Wat zijn de twee routes na V1 in de visuele verwerking?

A
  • Ventrale route naar IT: ‘wat’ route
  • Dorsale route naar pariëtaal: ‘waar’ route
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Wat is saccades?

A

Sprongen beweging van het oog om de omgeving te scannen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Wat is myopie?

A

Bijziendheid, waarbij het brandpunt voor het netvlies ligt.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Wat is hypermetropie?

A

Verziendheid, waarbij het brandpunt achter het netvlies ligt.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
17
Q

Wat is presbyopie?

A

Verharding van de lens waardoor deze niet meer voldoende bol kan worden, vaak leidend tot de noodzaak van een leesbril.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
18
Q

Wat zijn de drie soorten kegeltjes in het menselijk oog?

A
  • Blauw (5% 435 nm)
  • Groen (35% 535 nm)
  • Rood (60% 565 nm)
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
19
Q

Wat is de trichromatische theorie van Young/Helmholtz?

A

De theorie die stelt dat kleurwaarneming gebaseerd is op de combinatie van de drie typen kegeltjes.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
20
Q

Wat is geluidamplitude?

A

Het verschil tussen het hoogste en laagste drukniveau, wat de toonsterkte of luidheid bepaalt.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
21
Q

Wat is het frequentie-principe?

A

Bij lage tonen is de snelheid van vuren van haarcellen een maat voor frequentie.

22
Q

Wat is geluidslokalisatie?

A

Het proces waarmee we de locatie van geluiden in de ruimte bepalen.

23
Q

Wat zijn interaurale level difference (ILD) en interaurale time difference (ITD)?

A
  • ILD: Verschil in geluidsniveau tussen de oren, werkt voor hoge tonen
  • ITD: Verschil in tijd dat geluid een oor bereikt, vooral voor lage tonen
24
Q

Wat is reukepitheel?

A

Een slijmerig membraan in de neusholte met receptoren voor verschillende geurige moleculen.

25
Wat is geuradaptatie?
Het proces waarbij we na enige tijd niet meer bewust zijn van een geur.
26
Wat zijn de basis smaken?
* Zout * Zoet * Zuur * Bitter * Umami
27
Wat is de functie van drukreceptoren op de huid?
Registreren van drukveranderingen, belangrijk voor haptische waarneming en lichamelijk contact.
28
Wat is de tweepunts-drempel?
De minimale afstand tussen twee aanrakingen op de huid om ze als verschillende punten te ervaren.
29
Wat zijn de vier soorten receptoren voor druk op de huid?
* Snelle drukverandering op precieze plaats * Langdurige drukverandering op precieze plaats * Snelle drukverandering op groot oppervlak * Langdurige drukverandering op groot oppervlak
30
Wat zijn de 4 soorten receptoren op basis van snelheid en oppervlakte?
* Snelle drukverandering op precieze plaats * Langdurige drukveranderingen op precieze plaats * Snelle drukveranderingen op groot oppervlak * Langdurige drukverandering op groot oppervlak
31
Wat is de functie van pijn?
Informatie geven over beschadiging van het lichaam of waarschuwen voor dreigende beschadiging
32
Wat zijn de receptoren van pijn?
Vrije zenuwuiteinden (dendrieten van neuronen)
33
Wat registreert nociceptie?
Weefselbeschadiging
34
Welke twee typen zenuwbundels registreren pijn?
* Snel en goede lokalisatie * Trager en meer diffuus
35
Wat regelt pijnvermindering?
Endorfines
36
Waar leidt een locatie met veel pijn eerder toe?
Hernieuwde pijnervaring
37
Wat is kinesthesie?
Receptoren in spieren, pezen en gewrichten geven informatie over beweging van onze ledenmaten
38
Wat is proprioceptie?
Receptoren in spieren, pezen en gewrichten geven informatie over positie/balans van onze ledematen
39
Wat stelt de poortcontrole-theorie voor?
Pijn moet door ‘neutrale poort’ om hogere hersencentra te bereiken
40
Wat zijn evenwichtsorganen?
Organen die zwaartekracht en horizontale versnelling/vertraging detecteren
41
Wat is crossmodale integratie?
Het brein combineert informatie uit verschillende zintuigen
42
Wat houdt psychofysica in?
Hoe we zintuigelijke capaciteiten kunnen meten
43
Wat is de absolute drempel?
Laagste waarde van prikkeleigenschap die persoon kan detecteren
44
Wat is de grensmethode?
Verhoog/verlaag intensiteit totdat persoon niet meer kan waarnemen
45
Wat is de methode van constante stimuli?
Stimuli van verschillende intensiteit rondom drempelwaarde in random volgorde aan
46
Wat is de differentiёle drempel?
Kleinste waardeverschil tussen 2 prikkels opdat verschil wordt waargenomen
47
Wat is de Wet van Weber?
JND is een bepaalde constante proportie van standaard
48
Wat is de JND als het standaardgewicht 100 gram is en het eerstevolgende gewicht 110 gram?
10% (10/100)
49
Wat beschrijft de signaal detectietheorie?
Een stimulus wordt altijd verwerkt tegen (neutrale) achtergrondruis
50
Wat zijn de twee componenten in de signaal detectietheorie?
* Sensitiviteit (d’ = d-prime) * Criterium (bias, * = beta)
51
Wat is FA in de context van signaal detectietheorie?
Vals alarmen (False Alarms)