ovulatie
14e dag van een gemiddelde menstruatie cyclus, eitje komt uit de eierstok in de lichaamsholte en wordt opgepikt door de fimbriae van de eileider
zona pellucida
laagja van de eicel
hyaluronidase
enzym wat de spermacel uitscheidt om de zona pullucida op te lossen, waardoor de spermacel het eitje kan penetreren
kans op bevruchting toenemen
zygote
bevruchte eicel
embryonale fase
eerste 8 weken
verschillende lagen embryo
ectoderm
centraal zenuwstelsel en huid
endoderm
organen, spijsverteringsysteem en adenhalingssysteem
mesoderm
spieren, skelet, verbindingsweefsel en voortplantingssysteem
cefalo-caudale volgorde
eerst het hoofd en daarna het lichaam
foetus
vanaf 9 weken tot geboorte
support system embryo
placenta
massa van weefsel wat het embryo omvat in vroege ontwikkeling en zorgt voor voeding voor de groei
navelstreng
wordt gevormd in de vijfde week van de embryonale ontwikkeling en zorgt ervoor dat de voedingsstoffen bij de foetus terechtkomen
amniotic fluid
onderhoudt de foetus met een constante temperatuur en dienst als een stootkussen voor mogelijke beschadigingen
uitscheiding human chorionic gonadotropin
hormoon dat gemeten wordt bij zwangerschapstesten
eerste trimester
kleine massa cellen ingenesteld in de baarmoeder, ontwikkeld tot een foetus
tweede trimester
vrouw kan de baby voelen bewegen en de arts kan de hartslag van de foetus waarnemen vanaf 18e week
derde trimester
foetus draait in de baarmoeder in de lengteligging om zo in hoofd-naar-bendeden ligging te komen
week 3-4
ontwikkeling van het hoofd, zenuwstelsel begint te vormen en ruggengraat is gevormd
week 5
vorming van navelstreng
week 4-8
ontwikkeling uitwendige lichaamsdelen; ogen, orden, armen, handen, vingers, benen, voeten en tenen, ontwikkeling organen
week 14
foetale beweging of versnelling