Gelezen
Read
Gegeten
Eaten
Gezien
Seen
Geschreven
Wrote / write / written
Gekomen
Come / came
Opgeschreven
Written down
Gestaan
Stand
Gespelt
Played
Gezegd
Said
Begrepen
Understood
Gegaan
Gone
Geslapen
Slept
Gebracht
Brought
Gekozen
Chosen
Gezwommen
Swam
Gelopen
Walked
Gedronken
Drunk / drink / drank
Gehaad
Had
Gekocht
Brought / purchased
Gekregen
Got / received
Gedaan
Done
Geleden
Ago
Begonnen
Started
Gegeven
Gave / given