Betalen
betaalde betaalden heeft betaald
Vormen
vormde vormden heeft gevormd
Kopen
kocht kochten heeft gekocht
Tellen
telde telden heeft geteld
Zorgen
zorgde zorgden heeft gezorgd
Bieden
bood boden heeft geboden
Verkopen
verkocht verkochten heeft verkocht
Volgen
volgde volgden heeft gevolgd
Trekken
trok trokken heeft getrokken
Bepalen
bepaalde bepaalden heeft bepaald