RBW8+9 Flashcards

(15 cards)

1
Q

er wordt wel gevraagd naar schedelafwijkingen op het tentamen

A
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

na de geboorte is de systeemdruk (linkerharthelft) hoger dan rechts

A

als rechts>links shunt: menging zuurstof-arm en rijk bloed

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

a priori

A

niet rekening houden met tussenligende personen klachten, alleen obv positie tov aangedaan persoon

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

manieren van autosomale dominante overervign

A
  • gain of function/dominant negatief
  • loss of function / haploinsufficiëntie
  • two hit hypothesis
  • imprinting
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

gain of function

A

het afwijkende eiwit (dat van 1 allel komt) verstoort de werking van het normale eiwit.

OF het afwijkende eiwit is overactief

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

loss of function

A

1 allel produceert niet genoeg functioneel eiwit voor de normale functie; haplo-insufficiëntie

  • Eén allel is defect → maakt geen (of niet-werkend) eiwit
  • Het andere allel is normaal → maakt wel eiwit
  • Maar de hoeveelheid is nu 50% van normaal
  • Voor sommige genen is 50% eiwit niet genoeg om normale functie te behouden.
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

two-hit hypothesis of knudson

A
  • je erft een BRCA1 mutatie van ouders (1 allel van bv moeder)
  • in iedere lichaamscel is dus 1 allel uit of kapot door BRCA
  • als gedurende het leven door bv straling het andere allel beschadigd raakt, ontwikkelt dat door
  • 1 allel is geërfd gemuteerd en het andere krijgt een spontane
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

verschil tussen two hit en imprinting

A

bij imprinting staat 1 allel standaard uit, andere allel is geerfd gemuteerd

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

strabisme=

A

scheel

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

gelaatsafmetingen van bekang

A

ICD, OCD, IPD

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

oogafstand

A

memoraid

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

bardet biedl

A
  • autsomaal recessieve ziekte heterogeen
  • er moet een derde allel zijn van 1 van de andere heterogene genen om een probleem te kunnen vormen
  • dus met bv een mutatie op allebei de 3en, kan niet ziek zijn
  • tri-allelisch. maar niet elk heterogeen gen is tri-allelisch
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

dubbel vs compound heterozygoot

A
  • bij dubbel heterozygoot heeft iemand twee mutaties, maar elke mutatie is van een eigen gen. gen 1 = 1 normaal, 1 mutatie. gen 2= 1 normaal, 1 mutatie
  • bij compound heterozygoot heeft iemand twee mutaties, maar elke mutatie zit op hetzelfde gen. alleen zijn het twee verschillende mutaties. gen 1= mutatie A, gen 2= mutatie B
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

syndromen kennen uit vo

A
  • 22q11
  • …?obitz moet je weten dat er een cholesterol stofwisselingsziekte achter zit
  • silver russell
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q
A
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly