SET1 Flashcards

(19 cards)

1
Q

Welke van de volgende uitspraken over de ziektelast in Nederland is juist?

A

overgewicht en factoren in het buitenmilieu zorgen voor ongeveer evenveel ziektelast

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Welke van de volgende stellingen over de “Rankability” is juist

A

Een hoge rankability geeft aan dat de geobserveerde ziekenhuisverschillen ware verschillen zijn

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Noem drie onderdelen van de Zvw die bijdragen aan het toegankelijk maken van noodzakelijke zorg. (3p)
2. Geef per onderdeel aan hoe dat onderdeel precies bijdraagt aan de toegankelijkheid van zorg 5x

A

Verbod op premiedifferentiatie à zonder dit verbod zouden verzekeraars hun premie zeer waarschijnlijk differentiëren naar gezondheid.
Voor chronisch zieken zou de premie hierdoor onbetaalbaar kunnen worden. En zonder zorgverzekering bestaat het risico dat deze
mensen de noodzakelijke zorg niet kunnen betalen.
Acceptatieplicht voor zorgverzekeraars à zonder acceptieplicht zouden verzekeraars hoge risico’s kunnen weigeren voor de
Zorgverzekering. En zonder zorgverzekering bestaat het risico dat deze mensen de noodzakelijke zorg niet kunnen betalen.
Verzekeringsplicht voor een standaard basispakket à zonder deze verplichting zouden mensen ervoor kunnen kiezen om zich niet te
verzekeren. En zonder zorgverzekering bestaat het risico dat deze mensen de noodzakelijke zorg niet kunnen betalen. Dat geldt in het
bijzonder voor mensen met een laag inkomen. Ook vermindert ‘standaardisatie’ van het pakket de mogelijkheden voor verzekeraars om
aan indirecte risicoselectie te doen.
Zorgplicht voor zorgverzekeraars à deze verplichting zorgt ervoor dat alle verzekerden toegang hebben tot zorg binnen een redelijke
afstand/reistijd.
Risicoverevening tussen zorgverzekeraars à dit vermindert de prikkels voor verzekeraars om aan indirecte risicoselectie te doen
(bijvoorbeeld door niet de beste zorg in te kopen).

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Welke van de volgende doodsoorzaken hebben een belangrijke bijdrage geleverd aan deze oversterfte in 2022

A

COVID-19, Influenza en Accidentele val

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Leg uit hoe door menselijk handelen, een Planetary Health Boundary overschreden wordt die leidt tot
gezondheidsgevolgen in het kader van luchtvervuiling. Beschrijf ook de gezondheidsgevolgen door luchtvervuiling.

A

Menselijke activiteit via industrie, transport en agricultuur stoot broeikasgassen uit. Deze toename van broeikasgassen in de
atmosfeer leidt tot een toename van gemiddelde temperatuur en hittegolven (klimaatverandering). Gedurende hittegolven worden de
effecten van luchtvervuiling verergert. Dit leidt tot een verergering van al bestaande longziekten zoals COPD en astma.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

De Jeugdgezondheidszorg (JGZ) levert voor elke geïnvesteerde euro 11 euro op. Er wordt winst behaald zowel in morbiditeit als mortaliteit.
Welk van onderstaande activiteiten van de JGZ voorkomt de meeste sterfgevallen per jaar?

A

advisering ter voorkoming van wiegendood

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Je bent coassistent op de operatieafdeling in een ziekenhuis en mag meelopen met een werkgroep die het peri-operatieve anti
stollingsbeleid wil verbeteren. Allereerst worden de verbeteracties in kaart gebracht met een onderzoek op een Safety II-manier. Je wilt dit
gaan onderzoeken met de FRAM methode.
1. Beschrijf in één zin wat de FRAM methode is. (1p)
2. Beschrijf één aspect van dit zorgproces dat je als uitgangspunt/uitkomstmaat meeneemt. (2p)
3. Noem vier professionals die je in het team wilt hebben en per teamlid in één zin de reden dat je deze professional wilt
betrekken.

A
  1. Methode (1p)
    Functional Resonance Analysis Method (FRAM) met de uitleg ‘the work as done’ vergelijking met ‘the work as imagined’
  2. Uitgangspunt (2p)
    Dagelijkse gang van zaken of huidige (deel)proces of vergelijkbare termen: 1p
    Wat er goed gaat of vergelijkbare bewoordingen: 1p
    Wat er niet goed gaat/incidenten/trendanalyses/fouten/meldingen (conform Safety I): 0 p
  3. Team (4p)
    Minimaal benoemen: hematoloog of cardioloog, anesthesist of opererend specialist en apotheker: 2p (bij 1 genoemd 0 p, bij 2 genoemd
    1p). Per geschikte reden: 0,5p.
    De genoemde teamleden moeten betrokken zijn bij het zorgproces rondom peri-operatief antistollingsbeleid in brede zin van het woord. De
    reden moet wel betrekking hebben op antistollingszorg. Bijv. een secretaresse van de OK die patiënten nabelt om ze nogmaals te
    attenderen op het tijdig stoppen van antistollingsmedicatie voorafgaand aan de OK is ook goed
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Een ouder echtpaar, een 87-jarige man en 84-jarige vrouw, wonen nog steeds zelfstandig thuis. De man heeft 3 jaar geleden een CVA
doorgemaakt met daarbij enige motorische restverschijnselen aan zijn linkerzijde.
Op het moment zit hij niet lekker in zijn vel en is bijna dagelijks somber. Soms gaat dit zo ver dat hij de hele dag op bed blijft liggen. Zijn
vrouw ondervindt veel spanning hiervan en maakt zich veel zorgen over zijn geheugen en spannings-/somberheidsklachten.
De huisarts verwijst het echtpaar en hun kinderen door naar het sociale wijkteam voor ondersteuning mantelzorgers en respijtzorg, en
begeleiding en dagbesteding. Echter, de kinderen vinden dat het thuis eigenlijk niet meer gaat met vader en vragen de huisarts of hun
vader niet beter in een verpleeghuis kan worden opgenomen.
1. Onder welke wetgeving valt de opname in een verpleeghuis? (1p)
2. Bij welke instelling dient deze zorg aangevraagd te worden? (1p)
3. Benoem de drie voorwaarden volgens deze wetgeving om opgenomen te kunnen worden in een verpleeghuis. (3p

A
  1. Wet Langdurige Zorg (WLZ) (1p)
  2. Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) (1p)
    • patiënt heeft zorg nodig vanwege ziekte, aandoening of beperkingen,
    • blijvend (levenslang) zorg nodig,
    • 24/7 uur zorg in de nabijheid nodig (of permanent toezicht).
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Je bent vrijwilliger bij ‘Dokters van de Wereld’, een organisatie die zich onder andere inzet voor toegang tot zorg voor
ongedocumenteerde vreemdelingen in Nederland.
Je wordt gebeld door een medewerker van het Leger des heils. Deze persoon vertelt dat drie 16-jarige ongedocumenteerde
vreemdelingen contact hebben opgenomen met een tandartspraktijk naar aanleiding van klachten. Inschrijving in deze praktijk
werd geweigerd.
De medewerker van het Leger des Heils is van mening dat hierdoor deze jonge ongedocumenteerden worden belemmerd in
hun recht op toegang tot de zorg. Deze medewerker wil weten wat er mogelijk is vanuit de regeling onverzekerbare
vreemdelingen van het CAK.
Welke informatie geef jij de medewerker van het Leger des heils over de vergoeding van tandheelkundige zorg aan
ongedocumenteerde vreemdelingen vanuit de regeling onverzekerbare vreemdelingen van het CAK?

A

Tandheelkundige zorg aan patiënten jonger dan 18 jaar worden vergoed (1p)
Alleen die zorg die onder het basispakket van de Zorgverzekeringswet valt (1p)
Geen contract met het CAK nodig en vergoeding 80% (1p)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Benoem de vier stappen van het model voor gedeelde besluitvorming van Stiggelbout in de juiste volgorde

A

Stap 1: Arts / professional informeert patiënt dat beslissing wordt genomen, en dat de mening van de patiënt van belang is.
Stap 2: Arts legt de behandelopties uit en de voor- en nadelen van de relevante opties
Stap 3: Arts en patiënt bespreken de voorkeuren van de patiënt, arts ondersteunt bij de overwegingen van de patiënt
Stap 4: Arts en patiënt bespreken in hoeverre patiënt wil worden betrokken bij besluitvorming. Het besluit wordt genomen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q
A
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q
A
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q
A
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q
A
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q
A
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly