X Het verschil in gezonde levensverwachting tussen vrouwen met alleen basisonderwijs en vrouwen met een HBO of universitaire
opleiding bedraagt ongeveer 20 jaar.
Het gratis toegankelijk maken van het openbaar vervoer past goed in een strategie om een ‘age-friendly city’ te worden. Geef aan wat de drie pijlers van het “age-friendly cities” model van de WHO zijn en hoe deze aansluiten op
bovenstaande
maatregel.
Gelijkheid, het gratis maken van het openbaar vervoer is vooral gunstig voor mensen met de laagste inkomens.
Fysieke omgeving: bereikbaarheid voorzieningen
Sociale omgeving – biedt meer mogelijkheden mee te doen in de samenleving
In het casusregister waren alle benodigde gegevens vastgelegd, zodat het OMT kon overgaan tot de eerstvolgende stap in het
uitbraakonderzoek.
Wat wordt beschreven in deze stap van het uitbraakonderzoek? Leg uit waarom
Beschrijven van de uitbraak in termen van:
1: tijd: met behulp van een epidemische curve, hoe de uitbraak in tijd gedraagt: het blootstellingstijdstip en het verloop van de uitbraak.
2: plaats: de geografische verspreiding van de cases, geeft mogelijk component van de uitbraak, overeenkomsten die duiden op een
eventuele bron, oorzaak.
3: persoonlijke kenmerken van ieder casus: wie zijn het meest getroffen door de uitbraak (bv. man-vrouw verhouding, leeftijdsverdeling,
beroep…)
In Nederland sterven er 12.000 mensen per jaar vroegtijdig aan de gevolgen van luchtvervuiling.
1. Noem drie verschillende gezondheidsgevolgen van luchtvervuiling. (1p)
2. Leg voor één van deze gevolgen uit waarom dit vaker voorkomt/verergert door luchtvervuiling en benoem een
bevolkingsgroep die hier bijzonder kwetsbaar voor is.
Wat was volgens historicus Allan Brandt dé doorslaggevende factor bij de uiteindelijke neergang van ‘de sigaret’ in de
Verenigde Staten?
Onder invloed van sociaal-culturele veranderingen had het roken van sigaretten in de jaren ’80 een negatief imago gekregen
Je bent internist-nefroloog en groot voorstander van vroege opsporing van chronische nierschade. Daarom heb je een groot
proefbevolkingsonderzoek uitgevoerd, het NierCheck-onderzoek, in de regio Breda. Er deden 15.000 personen mee.
Moest er een vergunning voor deze studie aangevraagd worden?
Nee, het betreft geen screening op 1) kanker, 2) onbehandelbare ernstige ziekte of geen preventie mogelijk of 3) ioniserende straling
In welke wet is vastgelegd dat ongedocumenteerde vreemdelingen geen Nederlandse zorgverzekering kunnen afsluiten?
koppelingswet
Leg het verschil uit tussen een PREM en een PROM en geef van elk een voorbeeld
PROM’s (Patient Reported Outcome Measures): max 2p
1 punt: PRO’s richten zich op de gezondheidstoestand van de patiënt en de impact van een gezondheidstoestand. (1p)
1 punt: Correct voorbeeld: pijnschaal. (1p)
PREM’s (Patient-reported experience measures): max 2p
1 punt: PRE’s richten zich op de percepties van de patiënt en de tevredenheid over de zorg die ze ontvangen. (1p)
1 punt: Correct voorbeeld: vriendelijkheid van het personeel en algemene tevredenheid met de ontvangen zorg. (1p)
Noem vier groepen burgers die gevaar lopen een noodzakelijke Wmo voorziening mis te lopen door deze digitale aanpak van
de gemeente
Welke organisatie of instelling in Nederland houdt toezicht op zorgaanbieders en zorgverzekeraars op de zorgmarkten?
nederlandse zorgautoriteit
Mevrouw A (59 jaar, regisseur) komt bij haar cardioloog i.v.m. een ernstige aortaklepstenose. Ze is al sinds haar jeugd bekend
met een bicuspide aortaklep, heeft geen co-morbiditeiten, en speelt golf. Mevrouw wordt binnenkort geopereerd en komt op de
pre-operatieve poli om de keuze voor een hartklepprothese te bespreken. In deze leeftijdsgroep zijn zowel een bioprothese als
een mechanoprothese een optie. De cardioloog vindt dat een mechanoprothese de beste optie is voor mevrouw A.
Waarom moet de cardioloog toch de optie van bioprothese bespreken en de behandelvoorkeur van mevrouw A
uitvragen?
het benoemen in de context van de casus van elk van de 3 onderstaande redenen geeft een punt.
1. Behandelvoorkeuren lopen uiteen tussen patiënten
2. Behandelvoorkeuren van patiënten verschillen regelmatig van de voorkeuren van artsen
3. Behandelvoorkeuren van patiënten zijn niet goed te voorspellen op basis van patiënt kenmerken
Door klimaatverandering (het toenemen van de gemiddelde temperatuur op aarde) zien we dat er steeds vaker hittegolven
voorkomen, ook in Nederland. Van de sterfgevallen door hitte in Nederland kan al 31% worden toegeschreven aan
klimaatverandering. Dat komt neer op bijna 250 sterfgevallen per jaar.
1. Noem drie verschillende gezondheidsgevolgen van hittegolven. (1p)
2. Leg voor één van deze gevolgen uit waarom dit vaker voorkomt/verergert tijdens hittegolven en benoem een
bevolkingsgroep die hier bijzonder kwetsbaar voor is
gevolgen: 1 punt voor noemen van 3 gezondheidsgevolgen (bv. hittestress, hart- en vaatziekten exacerbatie, exacerbatie longziekten,
nierfunctie problematiek of uitdroging, zwangerschapsuitkomsten)
uitleg: 1 punt voor correcte uitleg van 1 gezondheidsgevolg.
Bijvoorbeeld:
Hittestress wanneer het lichaam de overtollige hitte niet meer kwijt kan
Exacerbatie van cardiovasculaire ziekten doordat er een groter beroep wordt gedaan op het cardiovasculaire systeem om overtollige
hitte kwijt te raken. Ook kan meer drinken (als reactie op de hitte) bij patiënten met een vochtbeperking een exacerbatie van hartfalen
geven.
Exacerbatie van respiratoire ziekten doordat er een groter beroep wordt gedaan op het respiratoire systeem om overtollige hitte kwijt te
raken. Ook gaan hittegolven vaak samen met slechtere luchtkwaliteit.
Nierfunctieproblematiek door sneller uitdrogen
kwetsbare groep: 1 punt voor correcte kwetsbare groep (bv. ouderen, kinderen, daklozen, chronisch zieken, zwangeren, mensen die
bepaalde medicatie innemen
JGZ 3x
De JGZ is opgenomen in de Wet publieke Gezondheidszorg.
De overheid is verantwoordelijk voor het inkopen van de JGZ.
De JGZ-organisatie bepaald hoe de JGZ wordt uitgevoerd.
Het ziekenhuis heeft geen contract met het CAK. Het ziekenhuis wil een beroep doen op Regeling onverzekerbare
vreemdelingen.
Wat is de correcte informatie die door de helpdesk van het CAK wordt doorgegeven aan de crediteurenadministratie
van het ziekenhuis?
Niet-gecontracteerde ziekenhuizen kunnen de zorgkosten van zwangerschap en bevalling vergoed krijgen. (1p) CAK vergoedt in dat
geval 100% van de oninbare vordering.
Stel dat deze 25-jarige vrouw een asielzoeker was, dat verblijft in een opvanglocatie van de COA.
Op basis van welke wet of regeling krijgt het ziekenhuis de zorgkosten bij de bevalling van deze vrouw vergoed?
regeling medische zorg asielzoekers (RMA)
Je bent coassistent bij een consultatiebureau. Je krijgt de opdracht om te onderzoeken hoe de voorlichting rondom het
Rijksvaccinatieprogramma onder ouders die de Nederlandse taal niet goed beheersen lokaal (met andere woorden in de wijk
van het consultatiebureau) geoptimaliseerd kan worden.
Je wilt dit gaan onderzoeken middels de “patiënt journey” methode, wat in deze context wellicht beter de “parent journey”
genoemd kan worden.
1. Leg in één zin uit wat deze methode inhoudt. (1p)
2. Leg in maximaal drie zinnen uit waarom dit een goede methode is om bovenstaand onderzoek uit te voeren. (2p)
3. Noem vier professionals die minimaal in ‘jouw’ werkgroep zouden moeten zitten en per werkgroeplid in één zin de
reden dat je deze professional wilt betrekken.
Antwoordmodel
1. Uitleg (1p)
Patient journey: het ‘volgen’ (fysiek zelf of met een camera gedragen door een patiënt) van een patiënt – in dit geval ouders.
2. Uitleg (2p):
Zo krijg je goed in beeld hoe de ouders op dit moment worden voorgelicht over het rijksvaccinatieprogramma, wat ze met deze informatie
doen, of deze goed wordt begrepen, en zo komt goed in beeld wat GOED gaat, en wat eventueel geoptimaliseerd kan worden
3. Team (2p+2p)
(er zijn veel juiste antwoorden)
Een of twee relevante artsen (GGD arts, consultatiebureau arts, evt huisarts)
Verpleegkundige werkzaam bij CB
Communicatie/beleid medewerkers consultatiebureau
Evt apotheker (inhoudelijks kennis over vaccins)
Evt iemand die de wijk goed kent – culturele achtergronden/aansluiting bij doelgroepen (wijkteam, wijkraad oid)
Evt tolk
Ouders kunnen natuurlijk ook heel goed in deze werkgroep zitten!
Antwoordmodel:
Per relevant werkgroeplid 0.5 p, per uitleg 0.5 p
Minimaal 1 relevante zorgprofessional moet genoemd worden, minimaal 1 persoon werkzaam op het consultatiebureau (verpleegkundige,
arts of communicatiemedewerker) en minimaal 1 werkgroeplid die vanuit de wijk (op wat voor manier dan ook) bij kan dragen.
De genoemde teamleden moeten betrokken zijn bij het zorgproces of de voorlichting rondom het rijksvaccinatieprogramma. De reden moet
wel betrekking hebben op het beschreven project en de ‘parent journey’/ Safety II. Bijv. een secretaresse die uitnodigingen in meerdere
talen naar de ouders stuurt = ook juist
In Nederlandse zorg spelen uitkomsten een rol bij de kwaliteitsevaluatie. Een onderdeel hiervan is dat zorgaanbieders, op basis
van deze metingen, met elkaar worden vergeleken. De overstijgende doelen hierbij zijn het verbeteren van de zorg en het bieden
van betere informatievoorziening voor de patiënten.
Leg uit of uitkomstindicatoren goede indicatoren zijn voor kwaliteit van zorg, specifiek bij het vergelijken van
bijvoorbeeld ziekenhuizen.
NEE,
- Verschillen in uitkomsten tussen zorgverleners worden (sterk) beïnvloed door verschillen in case-mix (patiëntkenmerken) tussen
zorgverleners. - Verschillen in uitkomsten tussen zorgverleners worden (sterk) beïnvloed door statistische onzekerheid. - Goede prestaties op evidence-based procesmaatregelen worden mogelijk niet weerspiegeld in gunstige uitkomsten (vanwege ongemeten
verstoringen). - Moeilijk te verbeteren op basis van uitkomsten (uitkomsten zijn niet ‘actionable’). - De geschiedenis laat zien dat benchmarking van uitkomsten voor kwaliteitsverbetering weinig succes heeft. - Allerlei andere vormen van confounding (residuele confounding/registratiebias) beïnvloeden de validiteit van uitkomstindicatoren.
Benoem de vier stappen van het model voor gedeelde besluitvorming van Stiggelbout in de juiste volgorde
Stap 1: Arts / professional informeert patiënt dat beslissing wordt genomen, en dat de mening van de patiënt van belang is.
Stap 2: Arts legt de behandelopties uit en de voor- en nadelen van de relevante opties
Stap 3: Arts en patiënt bespreken de voorkeuren van de patiënt, arts ondersteunt bij de overwegingen van de patiënt
Stap 4: Arts en patiënt bespreken in hoeverre patiënt wil worden betrokken bij besluitvorming. Het besluit wordt genomen.