Week 12 Flashcards

(9 cards)

1
Q

Insolventie

A

Ziet op de vraag hoe schaarste moet worden verdeeld

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Nederlandse corporate governance code

A

Het bestuur moet zorgen voor de continuiteit van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming, waarbij het zich richt op lange termijn waardecreatie van en de belangen van stakeholders in acht neemt.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Kan het bestuur zomaar een faillissementsaanvraag indienen?

A

Nee, hiervoor is toestemming van de aandeelhouders nodig.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Turboliquidatie

A

Een turboliquidatie is een versnelde manier om een rechtspersoon te ontbinden als deze geen bezittingen meer heeft, waarbij de formele vereffeningsfase wordt overgeslagen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Ingangseis voor de WHOA

A

Een onderneming moet in een toestand verkeren waarin het aannemelijk is dat de onderneming niet meer door kan gaan met de rekeningen betalen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Paulianabescherming

A

Deze kan worden gebruikt wanneer de schuldeisers waren benadeeld, en de schuldenaar dit wist of behoorde te weten, in dat geval kan de curator die rechtshandelingen vernietigen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Boekhoudkundige methoden om alsnog geld te verdienen voor de onderneming in problemen (4)

A
  • verminderen van voorzieningen
  • herwaarderen van activa
  • het naar voren halen van opbrengsten
  • het activeren van kosten
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Overinvesteren

A

Wanneer projecten die niet rendabel zijn, toch worden uitgevoerd.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Onderinvesteren

A

Wanneer projecten die wel voldoen aan het netto contante waarde criterium niet worden uitgevoerd

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly