Week 3 Flashcards

(12 cards)

1
Q

Nominale waarde

A

Het bedrag waarvoor een aandeel oorspronkelijk is uitgegeven. Deze blijft altijd gelijk

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Stortingsplicht

A

De aandeelhouder stort kapitaal op het aandeel. Een NV kan de stortingsplicht beperken tot 25% en een BV tot 0%, dit moet wel in de statuten worden opgenomen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Agio

A

Datgene wat extra betaald wordt voor aandelen bovenop de nominale waarde.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Maatschappelijk kapitaal

A

Het geldbedrag van het kapitaal dat aangeeft tot waar de vennootschap maximaal aandelen mag uitgeven, zonder de statuten te moeten wijzigen. Kortom, dit is het maximumbedrag waarvoor aandelen mogen worden uitgegeven.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Geplaatste kapitaal

A

Het totale bedrag aan aandelen dat een NV of BV (voor en na de oprichting) daadwerkelijk heeft uitgegeven. Dat is het opgetelde bedrag van de nominale waarden van de uitgegeven aandelen

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Gestorte kapitaal

A

Het totaalbedrag dat de NV of BV heeft ontvangen als storting op de aandelen die zijn uitgegeven

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Opgevraagde kapitaal

A

Wanneer later toch blijkt dat meer geld nodig is dan de beperkte storting wordt gevraagd of de aandeelhouders kapitaal kunnen bijstorten

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Inbreng bij vennootschappen kan plaatsvinden door:

A

Geld, goederen of arbeid

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Oorzaken einde personenvennootschap

A
  • verloop van tijd waarvoor de personenvennootschap is aangegaan
  • tenietgaan van een goed of volbrenging van de handeling die het onderwerp van de vennootschap is
  • door opzegging van een vennoot aan andere vennoten
  • door de dood/onder curatele stelling/in staat van faillissement verklaring van een van de vennoten
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Verblijvensbeding

A

Voortzettende vennoten worden gerechtigd tot goederen waarvan de juridische en economische gerechtigheid is ingebracht

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Overnemingsbeding

A

Voortzettende vennoten worden gerechtigd tot goederen waarvan enkel het genot of de economische gerechtigheid is ingebracht

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Obligo

A

De resterende stortingsplicht. Dit staat niet op de balans

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly