Wat is een enterotoxische E. coli en waar komt deze vandaan?
Een enterotoxische E. coli (ETEC) is een E. coli-stam die enterotoxinen produceert (zoals LT en ST) en afkomstig is uit de normale darmflora
Waarom zijn jonge kalfjes juist gevoelig voor een klinische infectie met enterotoxische E. coli?
De brushborder en glycocalyxlaag zijn onderontwikkeld waardoor gastheereiwitten beter bereikbaar zijn en E. coli zich makkelijker kan hechten.
Welke first line of defense voorkomt normaal dat pathogenen intact het darmlumen bereiken?
De maagzuurbarrière werkt op jonge leeftijd nog onvoldoende.
Waarom werkt deze first line of defense bij jonge dieren nog niet goed?
De fysiologische functie is nog onvolledig ontwikkeld bij neonaten.
Welke negatieve gevolgen heeft dit voor jonge dieren?
Pathogenen kunnen makkelijker het darmlumen bereiken en een infectie veroorzaken.
Welke drie gastheerfactoren maken ETEC vooral pathogeen bij jonge dieren?
– Onvoldoende ontwikkelde darmbarrière
– Onvoldoende lokale immuniteit
– Onvoldoende passieve immuniteit via biest
Waarom kan ETEC ook problemen geven bij iets oudere kalveren met een virale infectie?
Virale infecties beschadigen het darmepitheel waardoor ETEC zich makkelijker kan hechten en pathogeen wordt.
Welk pathofysiologisch mechanisme veroorzaakt diarree bij coli-enterotoxicose?
Secretorische diarree.
Wat zijn kenmerken van secretorische diarree?
Actieve secretie van water en elektrolyten, weinig of geen mucosabeschadiging, diarree blijft bestaan ondanks vasten en waterige feces.
Welke enterotoxinen veroorzaken secretorische diarree bij ETEC?
LT, STa en STb.
Hoe veroorzaken ST-toxinen diarree op celniveau?
Door verhoging van guanylaatcyclase-activiteit, wat leidt tot verhoogd cGMP en stimulatie van water- en elektrolytsecretie en remming van Na⁺-absorptie.
Welke elektrolyten worden vooral gesecreteerd bij ETEC-infectie?
Chloor (Cl⁻) en bicarbonaat (HCO₃⁻).
Wat is het effect van ETEC-toxinen op Na⁺-absorptie?
Remming van natriumabsorptie.
Welke ETEC-toxinen komen vooral bij varkens voor?
STb.
Wat is het effect van verotoxinen bij varkens?
Beschadiging van enterocyten en endotheelcellen, met mogelijke systemische schade.
Welke histologische bevindingen verwacht je bij coli-enterotoxicose?
Intacte villi en crypten.
Waarom zijn villi en crypten intact bij coli-enterotoxicose?
Omdat ETEC secretorische diarree veroorzaakt zonder structurele beschadiging van het darmepitheel.
Wat betekent de isolatie van E. coli F5/F41?
Dat E. coli-stammen zijn aangetoond met fimbriale adhesinen F5 (K99) en/of F41, typisch voor ETEC bij neonatale kalveren.
Waarom past E. coli F5/F41 bij de diagnose coli-enterotoxicose?
Deze adhesinen zorgen voor hechting aan enterocyten en kolonisatie zonder morfologische schade.
Hoe hecht ETEC zich aan de darmwand?
Via fimbriale adhesinen aan enterocyten.
Waarom heeft de aanwezigheid van E. coli in feces niet altijd klinische betekenis?
Omdat E. coli normaal voorkomt in de darmflora.
Wanneer heeft E. coli in feces wél klinische betekenis?
Wanneer virulentiefactoren zoals fimbriae en toxinen worden aangetoond.
Waarom richt diagnostiek zich niet op enterotoxinen zelf?
Omdat toxinen moeilijk aantoonbaar zijn; men toont daarom virulentiefactoren aan.
Waarom kreeg dit kalf diarree en andere kalveren niet?
Door onvoldoende immuniteit en te late biestopname.