trouwen
marry
blijven
stay
getuige (de)
witness
mooie (mooi)
beautiful
gemeentehuis (het)
city hall
verplicht
obligated
ambtenaar (de)
civil servant
vertelde (vertellen)
told
dienst (de)
service
maakte (maken)
made
indruk (de)
impression
beloofden (beloven)
promised
zorgen voor
take care
trouwde (trouwen)
married
man (de)
man
beloven
promise
huwelijken (het huwelijk)
marriages
eindigt (eindigen)
ends
scheiding (de)
divorce
negatief
negative
geweldig
great
ooit
at some point
feest (het)
party
zaal (de)
hall