wat zijn aanwijzingen voor chromosomale overerving
-> bij ouders is er dan sprake van een gebalanceerde reciproke translocatie en bij het kind van en ongebalanceerde
expressie
uiting van de ziekte
onvolledige penetrantie
niet elk kind krijgt even erge verschijnselen
heteroplasmie
niet alle mitochondrienzijn dan in dezelfde mate aangedaan
staat het geimprint gen uit
ja
anticipatie
gaat het om repeat expansie ziekten -> ziekte wordt over de generatie heen erger
non-allelische genetische heterogeniteit
hetzelfde ziektebeeld, maar veroorzaakt door mutaties in verschillende genen
bvb sca 1 en 2
allelische genetische heterogeniteit
verschillende ziektebeelden door veranderingen in hetzelfde gen
FGFR3 mutaties veroorzaakt welke ziektebeelden
tuberous sclerosis complex
neurofibromatosis type 1
prader willi syndroom
angelman syndroom
fragiele x syndroom
myotone dystrofie