Reabsorptie
Selectieve terugname uit filtraat van nuttige stoffen (glucose, aminozuren, Pi, bicarbonaat, zout en water)
Stoffen uit filtraat terughalen naar interstitiële vloeistof (bloedplasma)
Secretie
Selectief afgeven van organische verbindingen, afvalstoffen en geneesmiddelen aan voorurine
Van interstitiële vloeistof naar glomerulair filtraat
Waarom worden organische verbindingen niet goed gefiltreerd?
Waar transporteren naar urine?
In tweede gedeelte proximale tubulus zijn minder specifieke carriers die organische verbindingen over tubuluswand naar urine transporteren
Transport door tubuluswand
Paracellulair transport
Solvent drag
Ca, Mg en K-ionen volgen water
Transcellulair transport
Functie peritubulaire capillaire netwerk
Proximale tubulaire cellen van bloed voorzien
Er is veel bloed nodig, omdat de meeste reabsorptie in PT plaatsvindt
Veel energie voor nodig
2/3 van vocht wordt in PT teruggehaald naar bloed. Pertubulaire capillare netwerk zorgt dat dit vocht afgevoerd kan worden
Gevolg na eerste capillaire netwerk veel vocht gefiltreerd en eiwitten die achterblijven
Hoe filtratiesnelheid nefron bepalen?
SNFGR verschilt tussen glomeruli dus de flow van het filtraat door het nefron is verschillend tussen nefronen
Resorptie van glucose
SGLT2
SGLT1
Drie manieren van transcellulair transport van glucose
Tm = transportmaximum
Splay
Effect van variabiliteit tussen verschillende nefronen
Sommige zullen al eerder glucose door laten waardoor de werkelijke drempel lager ligt
Nefron met laagste GFR bepaalt drempel
Bicarbonaat reabsorptie
Chloride reabsorptie vroege PT
Chloride reabsorptie late PT
PT x eiwitten
Eiwitten worden uit voorurine opgenomen
Tubuluscel x eiwitten
D.m.v. endocytise en lysosomale afbraak opgesplitst in aminozuren
Wanneer proteïnurie?
Meer dan 0.03 g/dag in urine
Glomerulaire oorzaak van te veel eiwit in urine
Tubulus werkt niet goed